- april 27, 2026
- Category:
Nieuwe resultaten SANITEL-MED ‘Barometer Antibioticagebruik’
De nieuwe SANITEL-MED ‘Barometer’ toont de resultaten van het antibiotica(AB-)gebruik bij varkens, alle pluimvee van de types kip (vlees en leg) en kalkoen, vleeskalveren, melk- en vleesvee van oktober 2023 tot en met september 2025. Om het gebruiksgemak en de overzichtelijkheid te bevorderen, werd een interactieve inhoudstafel toegevoegd, samen met aangepaste bladwijzers en paginatitels. Er is een lichte daling van de totale tonnages gebruikte AB, hoofdzakelijk te danken aan de verdere afname van het gebruik bij varkens en, in mindere mate, bij rundvee. Bij vleeskalveren en pluimvee lijkt het AB-gebruik de laatste tijd eerder te stagneren. De resultaten van het gebruik van kritisch belangrijke antibiotica worden vanaf nu ook getoond op basis van behandeldagen. Over alle cijfers heen is een daling in het gebruik van cefalosporines van de 3e en 4e generatie en van colistine zichtbaar, terwijl er een zorgwekkende verdere toename is van het gebruik van (fluoro)quinolonen bij braadkippen.
Het totale antibioticagebruik bij varkens, pluimvee, vleeskalveren en rundvee bedroeg 91,3 ton in de periode oktober ‘24 - september ’25. Dit is het laagste niveau sinds de uitbreiding van de datacollectie met opfok-, selectie- en vermeerderingsdieren bij kippen, kalkoenen en met melk- en vleesvee (100,3 ton in oktober ’23 - september ‘24) en een lichte daling (-1,3 ton) sinds de vorige Barometer periode van juli ’24 – juni ’25 (92,6 ton). Deze daling in het totaal AB-gebruik is vrijwel volledig toe te schrijven aan een verdere afname van het gebruik bij varkens (-1,8 ton) en een beperkte daling bij rundvee (-0,3 ton). Het gebruik bij vleeskalveren en pluimvee stagneert en bevindt zich op een gelijkaardig niveau als een jaar geleden. Deze cijfers over het totale AB-gebruik houden echter geen rekening met mogelijke veranderingen in de populatie dieren.
Wanneer we het aandeel bedrijven dat AB-gebruik registreert, vergelijken tussen de verschillende productietypes, vallen vooral het hoge percentage gebruikers in de vleeskalversector en het lage percentage gebruikers bij de leghennen op. Het aandeel bedrijven dat AB-gebruik registreert blijft laag bij rundvee en de nieuwe pluimveecategorieën. Er moet nagedacht worden over initiatieven die het inschatten van de betrouwbaarheid van de gebruiksgegevens mogelijk maken.
De BD100-resultaten, die op bedrijfsniveau rekening houden met het aantal kg dieren dat risico loopt om behandeld te worden met antibiotica, bevestigen de verdere daling in het AB-gebruik bij varkens, melk- en vleesvee en een stagnatie in het AB-gebruik bij braadkippen, leghennen en vleeskalveren. Bij varkens daalt het AB-gebruik bij alle vier de diercategorieën: de huidige 90ste percentielwaarde (P90), die de 10 % hoogste gebruikers aanduidt, bevindt zich in alle varkenscategorieën op het laagste niveau sinds de start van de opvolging van het AB-gebruik. Dit weerspiegelt zich ook in een verdere stijging van het aandeel bedrijven met een groene benchmarkkleurscore in elke categorie en nu ook een verdere afname van het aandeel bedrijven met een rode benchmarkkleurscore tot minder dan 5 % bij gespeende biggen en vleesvarkens.
Bij leghennen bleven de percentielwaarden en percentages bedrijven met een groene en rode benchmarkkleurscore in het afgelopen jaar stabiel. Ook bij vleeskippen vertonen de laatste Barometer-resultaten slechts kleine schommelingen. Ten opzichte van een jaar geleden zien we bij beide pluimveecategorieën nog steeds een vooruitgang in het aandeel bedrijven met een groene benchmarkkleurscore: van 84 % naar 86 % bij vleeskippen en van 94 % naar 96 % bij leghennen. Bij de overige pluimveecategorieën blijft vooral het hoge AB-gebruik bij kalkoenen opvallen.
De resultaten bij de vleeskalveren tonen een kleine terugval in vergelijking met de vorige Barometer-resultaten, maar kennen wel nog steeds een positief verloop ten opzichte van een jaar geleden. In het afgelopen jaar steeg het aandeel bedrijven met een groene benchmarkkleurscore met 5 %, met een daling van respectievelijk 2 en 3 % in het aandeel bedrijven met een rode en gele benchmarkkleurscore tot gevolg.
Zowel bij melk- als bij vleesvee blijft de P90-BD100-waarde verder dalen bij de belangrijkste categorieën (de kalveren van 0-3 maand en de volwassen koeien). Door de recentere opstart van de datacollectie en het gebruik van dynamische grenswaarden situeert het merendeel van het AB-gebruik bij rundvee zich in de 10 % grootste gebruikers per diercategorie met een rode kleurcode. Een aandachtspunt in de melk- en vleesveesector blijft het hoge percentage bedrijven dat geen AB-gebruik registreert, zeker bij vleesvee (47,4 %).
Het gebruik van (fluoro)quinolonen bij braadkippen wordt zorgwekkend. Er is een stijging van 95 kg t.o.v. de vorige Barometer periode van juli ’24 – juni ’25 (+ 19 %) en 148 kg (+ 33 %) t.o.v. oktober ’23 - september ‘24, wat zich vertaalt in een toename van het aantal behandeldagen met deze producten van respectievelijk 22 en 24 %. Bovendien blijft het aandeel braadkippenbedrijven dat (fluoro)quinolonen-producten gebruikt verder stijgen, tot bijna 10 %, en nemen deze producten een steeds groter aandeel in binnen het totale antibioticagebruik op braadkippenbedrijven (8,5 % nu tegenover 6,3 % een jaar geleden).
De extra analyses op basis van behandeldagen bieden ook meer inzicht in het relatieve belang van injectieproducten met (fluoro)quinolonen in de melk- en vleesveesector. Dit plaatst het gebruik in de vleeskalversector — waar oraal gebruik nog steeds sterk doorweegt in de gebruikte kilogrammen — in een ander perspectief. Positief is dat het aandeel (fluoro)quinolonen-gebruikers in beide sectoren daalt, tot 7 % bij vleeskalveren (tegenover 16 % een jaar geleden) en 5 % bij rundvee.
Het gebruik van de 3deen 4de generatie cefalosporines, voornamelijk als intramammaire producten met oranje kleurcode bij volwassen melkkoeien, zakte met 3,6 ton (- 6 % t.o.v. de vorige Barometer) en het percentage bedrijven met gebruik van deze producten neemt verder af (16 % tegenover bijna 18 % een jaar geleden). Deze daling wordt bevestigd door het totaal aantal behandeldagen (- 9 % t.o.v. de vorige Barometer en - 20 % t.o.v. een jaar geleden). Ook het gebruik van colistine daalt verder en ligt in alle sectoren lager dan een jaar geleden.
De nieuw toegevoegde resultaten laten zien dat de rundveesectoren een belangrijke bijdrage leveren op vlak van behandeldagen met kritisch belangrijke antibiotica.
Vind de figuren van de Barometer in bijlage
De Barometer toont het jaarlijks totaal antibioticum (AB)-gebruik dat per diersoort geregistreerd werd in SANITEL-MED uitgedrukt in aantal ton, steeds opschuivend met een kwartaal (‘rollend kwartaal’). Om een idee te geven wat het aandeel is van het AB-gebruik dat wordt geregistreerd in SANITEL-MED in het totale diergeneeskundige AB-gebruik, staat in enkele figuren ter referentie het aantal ton of kg dat volgens de meest recente BelVet-Sac data werd verkocht in België op niveau van de vergunninghouders en de mengvoederfabrikanten. Deze overzichtscijfers zijn niet genormaliseerd voor biomassa. De cijfers in de Barometer zijn uitgedrukt in absolute cijfers (ton, kg). Gezien de biomassa per diersoort effectief enige procenten per jaar stijgt of daalt, gelden deze cijfers niet als een referentie van het gebruik bij de verschillende diersoorten. Daarnaast wordt per diersoort en -categorie de evolutie van enkele percentielen getoond, dit geeft de verdeling van de BD100 over de bedrijven in de benchmarkgroepen weer. Ook het percentage bedrijven in de verschillende kleurzones en het totaal aantal ton antibiotica per benchmarkkleurscore worden getoond. Tot slot wordt het AB-gebruik bij de polymyxines (colistine), de (fluoro)quinolonen en de 3e en 4e generatie cefalosporines uitgelicht, gezien deze antimicrobiële families een kritische rol spelen in de menselijke geneeskunde en de diergeneeskunde.















